Gele kaarten tellen als 1, rode kaarten tellen als 2. Tweede gele kaarten worden genegeerd voor afhandelingsdoeleinden (het maximale aantal kaarten dat een speler kan krijgen is 3).
Bij de afhandeling wordt al het beschikbare bewijs van kaarten die tijdens de reguliere speeltijd (90 minuten) gegeven worden, in acht genomen. Gegeven kaarten na het fluitsignaal bij eindtijd tellen niet mee.
Kaarten gegeven aan niet-spelers (bijvoorbeeld: trainers, wisselspelers of gewisselde spelers die geen verder deel uitmaken van de wedstrijd) tellen niet mee voor het totaal.
Als de wedstrijd vóór het einde van de reguliere speeltijd (90 minuten) wordt afgelast, worden alle weddenschappen ongeldig verklaard, tenzij de afhandeling van de weddenschappen al is bepaald (tenzij anders staat vermeld).